Spataderen-chirurgie
Wat zijn spataderen?
In ons lichaam wordt het bloed vervoerd via bloedvaten. Deze bloedvaten zijn te onderscheiden in slagaderlijke vaten (arteriën) en aderlijke vaten (venen). Zuurstofrijk bloed gaat vanuit de longen naar het hart. Vanuit het hart wordt het via de slagaderen het lichaam ingepompt. Via een netwerk van haarvaten komt het zuurstofrijke bloed in organen, weefsels en spieren waar het een belangrijke rol speelt bij het verbrandingsproces waarbij energie en warmte vrijkomen. Het inmiddels zuurstofarme bloed wordt vervolgens mede door de pompfunctie van de spieren in de benen via de aderen weer teruggevoerd naar het hart. Een ingenieus kleppensysteem in met name de aders van de benen zorgt ervoor dat het bloed niet terug kan stromen ten gevolge van de zwaartekracht. Als het zuurstofarme bloed tenslotte weer in het hart komt wordt het verder naar de longen gepompt waar het opnieuw van zuurstof wordt voorzien.
Spataderen zijn abnormaal verwijde, gekronkelde vaten in de benen waarin het bloed niet goed kan stromen door onvoldoende werking van het kleppensysteem. Door de pompfunctie van de spieren in het been wordt het bloed in de aderen wel omhoog in de richting van het hart gestuwd, maar door de werking van de zwaartekracht en de niet goed sluitende kleppen zakt het bloed vervolgens weer naar beneden. Hierdoor verwijden de aders verder en raken er nog meer functionerende kleppen in de aders defect, waardoor er meer spataderen ontstaan.
Wat zijn de oorzaken van spataderen?
Deze aandoening komt vaak in bepaalde families voor en is duidelijk erfelijk bepaald. Door een aangeboren zwakte van het steunweefsel van de aderen kunnen de kleppen defect raken en kunnen spataderen ontstaan. Ook tijdens de zwangerschap kunnen spataderen ontstaan. Deze hoeven overigens niet blijvend te zijn en kunnen na de zwangerschap weer vanzelf verdwijnen.
Spataderen kunnen ook het gevolg zijn van een thrombosebeen. Bij een thrombosebeen zijn de dieper in het been gelegen aderen verstopt geraakt en moet het bloed via de oppervlakkige aderen worden teruggevoerd naar het hart. Door deze overbelasting worden oppervlakkige aderen overrekt en ontstaan spataderen.
Welke klachten kunt u ondervinden?
Onder invloed van de zwaartekracht en de niet goed functionerende kleppen wordt het bloed door de aderen niet goed afgevoerd en ontstaat stuwing van zuurstofarm bloed in de benen. Dit leidt tot klachten zoals kramp of een moe, zwaar gevoel in de benen. Soms kan zelfs na een dag staand werk, een vochtophoping (oedeem) rond de enkels ontstaan.
Na langere tijd kan door de slechte bloedcirculatie de afgifte van afvalstoffen uit de weefsels aan het bloed bemoeilijkt worden. Aan de huid is dit dan goed te zien. Er kan eczeem ontstaan en kleine wonden genezen minder snel. Soms leidt dit tot een "open been".
Ook oppervlakkige ontstekingen in de aderen (phlebitis) kunnen veel klachten veroorzaken. In zeldzame gevallen kan er een vaak heftige bloeding ontstaan uit een gesprongen spatader.
De behandeling van spataderen
De behandeling is voor iedere patiënt maatwerk. Nadat uw behandelend chirurg uw klachten heeft genoteerd, zal deze door middel van een lichamelijk onderzoek de ernst en uitgebreidheid van de spataderen al goed kunnen vaststellen. Vaak is voor een behandeling op maat een aanvullend onderzoek op de röntgenafdeling noodzakelijk. Hiervoor zal meestal een aparte afspraak gemaakt moeten worden. Als er sprake is van een doorgemaakte thrombose van het been waardoor de oppervlakkige, uitgezette (spat)aderen onmisbaar zijn voor de bloedafvoer moet men van een behandeling afzien.
Vaak worden dan alleen elastische kousen voorgeschreven. In alle andere gevallen kan men de niet goed functionerende aderen missen.
Het Duplex-onderzoek
Dit onderzoek is geheel pijnloos en wordt poliklinisch uitgevoerd. Er wordt gebruik gemaakt van ultrageluidsgolven waarmee onder andere de stroomrichting van het bloed in de aderen kan worden bepaald. Op deze manier kijkt men of de kleppen in de aderen goed functioneren.
Het onderzoek duurt ongeveer twintig minuten per been. Als u graag meer informatie wilt over dit onderzoek dan kunt u op de röntgenafdeling of op het patiëntenservicebureau een informatiefolder halen.
Het maatwerk
Afhankelijk van de ernst van uw klachten, de uitgebreidheid en de plaats van de spataderen, alsook de uitslag van het Duplex-onderzoek, zal uw specialist kiezen voor een operatie of inspuitingen. Als de klachten gering zijn zal vaker voor inspuitingen (scleroseren) gekozen worden. Dit wordt eventueel gecombineerd met een kleine operatie van de liesader (crossectomie).
Als de spataderen uitgebreid zijn is het verstandiger om de grote, uitgezette aderen door middel van een operatie te verwijderen ("strippen"). Vaak zal de specialist, ter ondersteuning van het scleroseren of de operatie, elastische kousen aan u voorschrijven. Deze moeten na de behandeling gedurende enige tijd gedragen worden.
Nu volgt aanvullende informatie over de diverse behandelingen, waarbij de informatie die op u van toepassing is aangekruist is.
Crossectomie
Het dagcentrum
U bent door uw behandelend arts verwezen naar het dagcentrum voor behandeling van uw spataderen door middel van een crossectomie.
Het dagcentrum is een afdeling in het ziekenhuis waar patiënten op werkdagen van 7.30 tot 17.00 uur terecht kunnen voor allerlei behandelingen waarvoor men vroeger moest worden opgenomen.
Voorbereiding
U dient zich op de ingreep voor te bereiden door:
- een begeleider mee te nemen naar het ziekenhuis. Na de ingreep kunt u weliswaar gewoon lopen, maar u mag niet zelf autorijden.
- gemakkelijke kleding te dragen, zodat er genoeg ruimte is voor een pleister in de lies.
- geen sieraden te dragen.
- uw ponsplaatje en de afsprakenkaart mee te nemen.
De ingreep
Spataderen zijn abnormaal uitgezette bloedvaten. Ze komen vooral in de benen voor. De grootste "boosdoener" is het bloedvat dat aan de binnenzijde van het boven- en onderbeen loopt. Ter bestrijding van spataderen bindt men dit bloedvat in de lies af. Deze behandeling heet crossectomie en duurt ongeveer een kwartier. De behandeling wordt verricht onder plaatselijke verdoving, op de operatie-kamer. U krijgt een of meerdere injecties in uw lies, zodat de liesstreek geheel verdoofd is. U bent tijdens de ingreep volledig bij bewustzijn.
Als u overgevoelig bent voor de injectievloeistof van de verdoving of voor de jodium en dit is bij u bekend, dient u dit ruim voor de ingreep aan uw behandelend arts door te geven. Dit geldt ook voor bloed-verdunnende middelen, zoals Marcoumar, Aspirine, Sintrom mitis of Ascal.
Om infecties te voorkomen, neemt men bepaalde voorzorgsmaatregelen. Uw lies wordt met een jodiumoplossing gedesinfecteerd. De arts en de operatieverpleegkundigen dragen steriele jassen en handschoenen tijdens de ingreep. Uw lies wordt afgedekt met steriele doeken en de verdoving wordt toegediend. Daarna begint de operatie. Tijdens de ingreep voelt u nauwelijks of geen pijn. Mocht u toch wat voelen dan kunt u dat zeggen zodat de chirurg nog wat verdovingsvloeistof kan bijspuiten. Na de ingreep en het hechten van de wond krijgt u een steriele pleister op de wond. Daarna wordt u teruggebracht naar het dagcentrum.
Na de ingreep
Het is de bedoeling dat u thuis de eerste dagen rustig aan doet. U mag wel lopen, maar u mag de benen niet overbelasten, bijvoorbeeld door te sporten. Als u pijn heeft mag u maximaal vijf maal per dag een tablet Paracetamol van 500 milligram innemen. Er wordt een afspraak gemaakt op de polikliniek voor ongeveer een week na de ingreep. Dan worden ook de hechtingen verwijderd.
Tot slot
Bij complicaties zoals een nabloeding, die overigens zeer zelden voorkomt, neemt u contact op met de polinkliniek Chirurgie of de Spoed Eisende Hulp van uw ziekenhuis.
Verder kan een enkele maal een oppervlakkige infectie van de lieswond voorkomen. Deze is poliklinisch door een goede wondverzorging eenvoudig te behandelen.
Scleroseren
De polikliniek
Uw behandelend specialist heeft voor u een afspraak gemaakt op de polikliniek voor het inspuiten van de spataderen. Soms wordt deze behandeling gecombineerd met een crossectomie ( zie: Crossectomie). Ook kan het nodig zijn dat na het operatief verwijderen van de spataderen ( het zogenaamde "strippen") kleinere, overgebleven spataderen weggespoten moeten worden.
Voorbereiding
U doet er goed aan u op de ingreep voor te bereiden door:
- een begeleider mee te nemen naar het ziekenhuis. Na de ingreep kunt u weliswaar gewoon lopen, maar u mag niet zelf autorijden.
- ruimvallende, gemakkelijke kleding te dragen, zodat er voldoende ruimte is voor het verband.
- ruime schoenen mee te nemen waar uw voeten inpassen als deze in het verband zitten.
- op de dag van de behandeling geen crème of bodylotion op de benen aan te brengen.
- uw elastische kous(en) mee te brengen, indien deze reeds in uw bezit zijn.
- uw ponsplaatje en afsprakenkaart mee te nemen.
Het inspuiten
Allereerst zal de behandelend arts de plaats aantekenen waar de inspuitingen plaats zullen vinden. In de spatader krijgt u een injectie met een middel dat de binnenwanden van het ingespoten bloedvat aan elkaar plakt.
Tijdens het inspuiten kunt u een branderig gevoel ervaren in het been.
Na het inspuiten van de vloeistof wordt een stevig verband aangelegd dat afhankelijk van de uitgebreidheid van de spataderen twee dagen tot een week moet blijven zitten. Over dit verband wordt vaak nog een elastische kous aangebracht. Door het verband blijven de ingespoten aderen goed dicht gedrukt, zodat er geen bloed in kan stromen en er geen bloedstolsels in kunnen ontstaan.
Na het inspuiten
Direct nadat uw spataderen zijn ingespoten, moet u een paar minuten lopen. Na de inspuitingen kunt u soms een jeukend of prikkelend gevoel ervaren op de inspuitplaats. Dit is een normaal verschijnsel en betekent dat de ader reageert op de inspuitingen.
Thuis
Vaak kunt u uw normale werkzaamheden weer snel hervatten. Bedenk wel dat lopen beter is dan lang stilstaan. Wanneer het verband niet goed zit, is het verstandig contact op te nemen met de polikliniek chirurgie.
Na ongeveer twee dagen tot een week kunt u zelf het verband verwijderen. Soms zijn er ter plaatse van de inspuitingen kleine bloeduitstortingen welke na korte tijd vanzelf weer verdwijnen.
Afhankelijk van de grootte van de spataderen dient u de voorgeschreven elastische kous twee tot zes weken te dragen. 's Nachts mag u de kous uitlaten. Een enkele maal zal de specialist u adviseren de kous ook 's nachts aan te houden.
Gedurende deze periode verschrompelt de ingespoten ader en verandert in een litteken dat u onderhuids kunt voelen als een streng. Dit littekenweefsel lost in de loop van ongeveer 8 weken op. Hiervan merkt u niets, behalve een soms wat stekend of pijnlijk gevoel.
Bij oppervlakkig gelegen kleine adertjes, de zogenaamde heksenbezems, kan dit proces veel langer duren. Deze bleken in de loop van ongeveer 12 weken op. Het is verstandig gedurende de eerste week na de behandeling grote inspanningen en sport te vermijden.
Er wordt voor u een controle-afspraak gemaakt op de polikliniek chirurgie.
Tot slot
Ondanks alles kunnen na inspuitingen complicaties ontstaan.
Bloeduitstortingen verdwijnen na korte tijd weer vanzelf, maar een geelbruine verkleuring van de huid op plaatsen waar gescleroseerd is kan soms langer zichtbaar blijven. Ook kunnen er bloedstolsels ontstaan in de ingespoten spataderen. Deze zijn ongevaarlijk maar kunnen wel veel pijn veroorzaken. Na een aantal maanden verdwijnen ze vaak vanzelf. Soms ontstaan blaartjes door het verband. Het is uitzonderlijk als mensen allergisch blijken te zijn voor de stof die wordt ingespoten in de spataderen. Wel is het verstandig om na de inspuitingen nog gedurende een kwartier in het ziekenhuis te blijven. Na die tijd is de kans op een allergische reactie zeer gering. Wanneer de spataderen erg uitgebreid zijn kunnen meerdere behandelingen noodzakelijk zijn. Bij hele grote spataderen is de kans op terugkomen (recidief) groter dan bij kleine.
De operatie ( het "strippen")
De short-stay afdeling
Bij u zijn de spataderen uitgebreid zodat uw specialist het raadzaam acht de uitgezette bloedvaten door middel van een operatie te verwijderen. Hiervoor is meestal een korte opname in het ziekenhuis noodzakelijk.
's Ochtends, op de dag van operatie, komt u nuchter op de short-stay afdeling op de afgesproken tijd. De operatie kan onder algehele narcose of met een "ruggeprik" worden uitgevoerd. Een enkele keer heeft de chirurg een voorkeur voor een van de twee.
Voorbereiding
U dient zich op de ingreep voor te bereiden door:
- ruimvallende, gemakkelijke kleding mee te nemen, zodat er voldoende ruimte is voor het verband.
- geen nagellak te gebruiken omdat voor controle op een goede doorbloeding naar de kleur van uw nagels wordt gekeken.
- op de dag van de behandeling geen crème of bodylotion op uw benen aan te brengen.
- uw elastische kous(en) mee te nemen, indien deze al in uw bezit zijn.
- uw ponsplaatje en afsprakenkaart mee te nemen.
De operatie
Spataderen zijn abnormaal uitgezette bloedvaten welke eigenlijk alleen in de benen voorkomen. De grootste "boosdoener" is de ader aan de binnenzijde van het boven- en onderbeen. Op de voorbereidingskamer van het operatiecomplex wordt door de chirurg aangetekend waar de spataderen lopen.
Als u overgevoelig bent voor jodium of als u bloedverdunnende middelen gebruikt zoals Sintrom mitis, Marcoumar, Aspirine of Sinaspril dient u dit ruim voor de operatie kenbaar te maken.
Nadat de anesthesist u in slaap heeft gebracht of bij u een "ruggeprik" heeft gezet, wordt u de operatiekamer ingebracht.
De chirurg zal, afhankelijk van de uitgebreidheid en de plaats van de spataderen, deze onderhuids weg- of optrekken (zie figuur) waarbij gebruik gemaakt wordt van een snede in de lies en een snede ter hoogte van de knie. Het kan ook zijn dat de spataderen weggehaald worden door een of meerdere kleine sneetjes op de aangegeven plaatsen. De wonden worden met kleine hechtingen gesloten waarna een druk-verband wordt aangelegd.
Op de afdeling
Via de uitslaapkamer (recovery) wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling. Met het verband om mag u diezelfde dag, in overleg met het verplegend personeel, uit bed. Daags na de operatie mag u wat lopen over de gang. Over het algemeen zal het verblijf in het ziekenhuis niet langer duren dan twee à drie dagen. U krijgt iedere dag een injectie ter voorkoming van thrombose. Op de dag van het ontslag wordt het verband verwijderd waarna u de elastische kous(en) aan moet doen.
Er wordt voor u een afspraak gemaakt op de polikliniek voor na ongeveer een week; bij deze gelegenheid worden de hechtingen verwijderd.
Thuis
Het is verstandig gedurende de eerste twee weken na de operatie rustig aan te doen. Nadien kunt u meestal uw normale werkzaamheden weer hervatten. Wel is het raadzaam grote inspanningen en sport gedurende een maand te vermijden. Bedenk overigens wel dat lopen beter is dan lang stilstaan.
Aan de binnenkant van het bovenbeen waar de spatader opgetrokken ("gestript") is zit vaak een bloeduitstorting. Deze trekt na een paar weken vanzelf weg maar kan plaatselijk (spier)pijn veroorzaken. Afhankelijk van de uitgebreidheid van de operatie dient u de voorgeschreven elastische kous twee tot zes weken te dragen. 's Nachts mag u de kous uitlaten.
Een enkele maal zal uw specialist u adviseren de kous ook 's nachts aan te houden.
Tot slot
Zoals na iedere operatie kan ook na het "strippen" van spataderen een enkele maal een complicatie ontstaan. Bloeduitstortingen verdwijnen na korte tijd weer vanzelf maar kunnen natuurlijk hinderlijk zijn.
Blaren, veroorzaakt door het verband, komen een enkele keer voor. Soms kan een oppervlakkige infectie van een van de wonden zich voordoen. Zowel blaren als oppervlakkige infecties zijn door een goede wondverzorging eenvoudig te behandelen.
In een uitzonderlijk geval kan een irritatie of beschadiging ontstaan aan een huidzenuw aan de binnenkant van het geopereerde onderbeen.
Dit leidt tot een brandend of dof gevoel ter hoogte van de enkel. Soms kan een behandeling door een anesthesist dan uitkomst brengen. Indien na een operatie spataderen overblijven kan het noodzakelijk zijn deze een keer weg te spuiten.
Heeft u nog vragen?
Deze folder is niet bedoeld als vervanging van mondelinge informatie maar als aanvulling daarop. Bovendien bent u zo in de gelegenheid thuis alles nog eens rustig na te lezen. Mocht u nog vragen of opmerkingen hebben, neemt u dan gerust contact op met de polikliniek Chirurgie van uw ziekenhuis.
Bron
Bij het opstellen van deze brochure werd gebruik gemaakt van tekst uit de patientenfolder zoals opgesteld onder auspiciën van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, uitgebreid met meerdere illustraties en tekst, en aangepast door de webmaster van deze website.
Datum laatste wijziging: 27-02-2007.