Chirurgische behandeling van een Blindedarm-ontsteking
(Appendicitis)

Inleiding

Deze folder geeft u een globaal overzicht van de klachten en de oorzaak van appendicitis en hoe dit behandeld kan worden. Het is goed u te realiseren dat bij het vaststellen van een aandoening de situatie voor iedereen anders kan zijn.

Wat is een appendix

De blinde darm ofwel appendix (letterlijk: aanhangsel) bevindt zich meestal daar waar de dunne darm overgaat in de dikke darm, dat wil zeggen rechtsonder in de buik. Omdat de appendix soms lang en beweeglijk is, kan een afwijkende ligging ontstaan, waardoor de pijnklachten van de appendix meer in het midden en soms zelfs rechtsboven in de buik worden aangegeven.

Wat is een blindedarmontsteking (Appendicitis)?

Foto toont verloop van de dikke darm met de plaats van de blinde darm aan het begin rechts onder in de buik.

Appendicitis is een (meestal plotseling) ontstane ontsteking van de blindedarm, die pijnklachten geeft rechtsonder in de buik. De ontsteking kan soms zeer heftig verlopen en dan aanleiding geven tot buikvliesontsteking. In dat geval zit de pijn in de gehele buik. Waarom de appendix ontstoken raakt, is niet duidelijk.


Wat zijn de klachten bij een appendicitis?

Bij appendicitis beginnen de pijnklachten meestal op, rond of boven de navel, die daarna afzakken naar de rechter onderbuik. De pijn rechtsonder wordt soms voorafgegaan door misselijkheid en braken. Er is een lichte temperatuurverhoging en een algeheel onwel bevinden. Het aanraken van de buik en het daarna loslaten doet pijn. Ook hoesten en lachen is soms pijnlijk. Dikwijls wordt ook vervoerspijn aangegeven, bijvoorbeeld bij met de auto rijden door een kuil. Soms gaan er aan de pijn rechtsonder enige dagen vooraf met vage buikklachten die geleidelijk erger worden.

Welke onderzoek is nodig?

Anamnese en lichamelijk onderzoek

Bij het stellen van de diagnose is de voorgeschiedenis en de ontstaanswijze van de pijnklachten van belang. Dit is de anamnese. Ook andere ziekte oorzaken moeten worden uitgesloten, bijvoorbeeld darminfectie, voedselvergiftiging, niet goed toebereide spijzen (bijvoorbeeld kroket­ten of gehaktballen) of gynaecologische oorzaken (bijvoorbeeld zwangerschap, eierstokontsteking). Dit wordt allemaal nagevraagd en vastgelegd.

Daarna volgt het lichamelijk onderzoek van de buik waarbij gelet wordt op plaatsen waar drukpijn aanwezig is.

Daarna volgt meestal het inwendig onderzoek via de anus en bij de vrouw eventueel aangevuld met inwendig gynaecologisch onderzoek. Ook de lichaamstemperatuur wordt gemeten. Deze is meestal licht verhoogd bij blindedarmontsteking.

Laboratoriumonderzoek

Dit bestaat uit het vaststellen van de bloedbezinking (CRP, deze is meestal niet verhoogd bij een acute blindedarmontsteking) en het tellen van de witte bloedlichaampjes. Deze zijn verhoogd bij een ontsteking. Aanvullend onderzoek, zoals bloedonderzoek, lever- en nierfuncties en zwangerschapstesten, kan noodzakelijk zijn. Ook urineonderzoek kan worden uitgevoerd.

Echografisch onderzoek

Echografisch onderzoek wordt wel eens aangevraagd. Door middel van geluidsgolven kan echografisch onderzoek worden verricht om de appendix zichtbaar te maken, de diagnose te stellen en om de gynaecologische organen zichtbaar te maken en te beoordelen.

Het is vaak lastig om met de echo een ontsteking van de blinde darm met zekerheid uit te sluiten. De bevindingen worden wel meegewogen in het stellen van de diagnose en de aansluitende beslissing.

Röntgenonderzoek

Soms is het nodig om aanvullende CT-scan van de buik te maken waarop een blinde darm die fors ontstoken is vaak goed zichtbaar wordt.

Wat zijn de behandelingsmogelijkheden?

Diagnostische Laparoscopie

Bij twijfel of onzekerheid over de juiste aandoening kan soms een diagnostische laparoscopische operatie onder narcose worden verricht. Daarbij wordt met een videocamera en een lichtbron in de buikholte gekeken.

Operatieve verwijdering van de appendix

Als de diagnose appendicitis is gesteld, is een operatie (het verwijderen van de ontstoken appendix) de beste behandeling om te voorkomen dat doorbraak van de appendicitis en buikvliesontsteking ontstaan.

Bij de operatie wordt de blindedarm opgezocht, vrijgemaakt en verwijderd. De operatie zelf kan door middel van een kleine snee rechts in de onderbuik of door middel van een kijkoperatie worden uitgevoerd. Bij twijfel kan ook een lengte-snee midden in de onderbuik worden gebruikt. Daarbij kan een eventueel andere oorzaak van de pijnklachten worden opgespoord en behandeld. Welke methode zal worden gekozen is van vele factoren afhankelijk, onder andere van de ernst van de ontsteking of van de voorkeur van de chirurg.

Indien de appendix erg ontstoken is kan de huid van de operatiewond worden opengelaten om zodoende na de operatie een wondabces te voorkomen. De open wond geneest meestal binnen 2 á 3 weken en laat een klein littekenstreepje achter.

Verwijdering middels kijkoperatie (laparoscopische appendectomie)

Indien technisch mogelijk (oa. geen verklevingen door voorgaande buikoperaties) kan tijdens een diagnostische laparoscopie (zie uitleg hierboven) de ontstoken blinde darm (appendix) direct worden verwijderd. Naast het sneetje onder de navel (ingang kijkbuis die is aangesloten op videocamera) worden nog 2 kleine hulpsneetjes gemaakt waardoor de diverse paktangetjes naar binnen kunnen worden geschoven (zie foto). De buik wordt flink opgeblazen met lucht welke via een buisje in de buik wordt geblazen.

Links ziet de chirurg de ontstoken blinde darm: hij is rood gezwollen en stugger dan normaal. Het gele vetweefsel eromheen is eveneens ontstoken. De blinde darm moet worden verwijderd.

De blinde darm (appendix) zit vast onderaan het begin van de dikke darm (coecum). Met een paktang wordt de appendix op gepakt en met een tweede tang wordt het omgevende vetweefsel verwijderd.

Vervolgens worden enkele lasso’s om de appendix heen gedaan en aangeknoopt. Hiervoor kan ook een zgn. endo-stapler worden gebruikt (een apparaat dat met nietjes de appendix dichtniet en vervolgens afsnijdt).

De appendix wordt vervolgens tussen deze vastgeknoopte lasso’s doorgeknipt aan de basis met een speciaal schaartje.

De appendix kan vervolgens via een holle buis (in snede 3 in de onderbuik (zie eerste foto)) naar buiten worden getrokken.(zie verloop gele pijl)

De ontstoken blinde darm wordt voor weefselonderzoek opgestuurd naar het weefsel-laboratorium (PA-lab). In zeer zeldzame gevallen kan zich een gezwel in de appendix bevinden.

Verwijdering middels klassieke "open" operatie

De redenen waarom gekozen wordt voor een operatie waarbij een klein sneetje in de rechter onderbuik wordt gemaakt zijn zeer divers (o.a. voorgaande buikoperaties, technisch te lastig om met kijkoperatie veilig te verwijderen, voorkeur van de chirurg, matige conditie patient waarbij opblazen van de buik bezwaarlijk wordt, etc.)

De grootte van de snede kan varieren van 3 tot soms 10 cm of meer afhankelijk  van de dikte van de buikwand alsmede de positie van de blinde darm tov de bodem van de dikke darm. Indien de blinde darm aan de rugzijde van de dikke darm omhoog geklapt ligt (retrocoecaal) kan het lastig zijn om hem te pakken te krijgen en moet de snede soms "hocheystick-vormig" worden verlengd.

De ontstoken appendix (A) welke nog vast zit aan de bodem van de dikke darm (B) is door een snede in de buikwand naar buiten gehaald.

Na afknopen aan de basis wordt hij afgesneden. Het stompje wat resteert (S) wordt nog eens met een extra hechting ingestulpt (als een tabakszak) in de bodem van de dikke darm om lekkage te voorkomen. Deze laatste extra hechting wordt niet gelegd tijdens een kijkoperatie.

Indiende appendix fors ontstoken is wordt de huid van de wond soms opengelaten om een later wondabces te voorkomen.

De ontstoken blinde darm wordt voor weefselonderzoek opgestuurd naar het weefsel-laboratorium (PA-lab). In zeer zeldzame gevallen kan zich een gezwel in de appendix bevinden.

Observatie en laten afkoelen

Soms echter is rondom de ontstoken blindedarm al zeer veel verkleving en afdekking door darmlissen ontstaan. Dit is soms bij het onderzoek als een weerstand (vaag omschreven zwelling) in de rechteronderbuik te voelen. Men spreekt dan van een appendiculair infiltraat. Dit ontstaat meestal na enige dagen ziek zijn en is een natuurlijke reactie van het lichaam. In zo'n geval moeten de ontsteking en het infiltraat eerst afkoelen en tot rust komen. Dit vereist enige weken bedrust, eventueel antibiotica en geleidelijk herstel gedurende zes tot acht weken en afname van de weerstand. Dit geleidelijk tot rust komen en herstel van de appendix en het infiltraat kan worden gevolgd door op bepaalde tijdstippen de CRP te bepalen en de leucocyten te tellen. Deze zullen dalen. Ook wordt dan op verschillende tijdstippen de buik onderzocht. Het is meestal naderhand niet nodig om de appendix operatief te verwijderen aangezien deze meestal vanzelf wordt "verteerd en opgelost" binnen het infiltraat.

Mogelijke complicaties

Het ontstaan van complicaties hangt vaak af van de ernst van de ontsteking. Algemene complicaties, zoals wondinfectie en nabloeding, zijn altijd mogelijk. Soms is er een vertraagde genezing en vertraagd herstel van de darmbewegingen. Bij ernstige ontsteking en buikvocht worden antibiotica toegediend. Bij wondabcessen wordt de huidwond weer geopend, zodat goede afvloed van de pus mogelijk is. Het herstel duurt dan meestal langer. Ook kan er enige weken na ontslag een krampende pijn kortdurend worden gevoeld. Dit wordt soms veroorzaakt door verklevingen in de buik waardoor de darmbewegingen kunnen toenemen. Als dit hevige pijn geeft dient de huisarts gewaarschuwd te worden. Soms ontstaat er na de operatie voor appendicitis een abces in de buik. In sommige gevallen verdwijnt dit via de anus, een enkele keer moet dit chirurgisch worden behandeld of kan het onder röntgencontrole worden aangeprikt.

Na de operatie

Na de operatie heeft de patiënt(e) een infuus voor vocht- en medicijntoediening. De darmbewegingen komen geleidelijk weer op gang en de voeding wordt geleidelijk uitgebreid. In het algemeen kunt u zich na enkele dagen weer normaal wassen en douchen. Na vier tot vijf dagen kan de patiënt(e) meestal worden ontslagen, vaak is dan de normale voeding weer mogelijk.

Na ongeveer zeven dagen kunnen de hechtingen worden verwijderd. Bij echte acute ontsteking met vrij vocht of pus in de buik wordt soms de huidwond opengelaten. Deze wondgenezing duurt dan in het algemeen iets langer.

Het herstel duurt meestal een paar weken. Daarna kunnen de normale werkzaamheden en het werk worden hervat.

Heeft u nog vragen?

Deze brochure is niet bedoeld als vervanging van mondelinge informatie, maar als aanvulling hierop. Hierdoor is het mogelijk alles nog eens rustig na te lezen. Heeft u nog vragen, neem dan contact op met de polikliniek chirurgie van uw ziekenhuis. Met medische vragen kunt u terecht bij uw behandelend specialist.

Bron

Bij het opstellen van deze brochure werd gebruik gemaakt van tekst uit de patientenfolder zoals opgesteld onder auspiciën van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, uitgebreid met meerdere illustraties en tekst, en aangepast door de webmaster van deze website

Datum laatste wijziging: 27-02-2007.

Terug naar boven